De opdracht van 'biologieuitdeboeken' kan bij de start van aan lessenreeks over een bepaald thema worden ingezet, maar ook op andere momenten, zoals in de aanleercontext, in de toepascontext, in de toetscontext (zie 'concept/context').
Bij gebruik bij de start van een lessenreeks over een bepaald thema brengt de opdracht leerlingen actief in contact met werkactiviteiten, gebruikte biologische begrippen, methoden en instrumenten in een beroepspraktijk, zowel door het uitvoeren van de opdracht als door de presentaties.
De docent kan een lessenreeks bijvoorbeeld starten door thema's met concepten over groepen leerlingen te verdelen. Elk groepje maakt voor het toebedeelde thema een presentatie. Deze presentaties dienen als inleiding op het thema.
Bij het profielwerkstuk
Bij het uitvoeren van de opdracht komen er bij de leerlingen vragen naar boven, die ze zelf kunnen onderzoeken. Dat motiveert ze aan de slag te gaan met een eigen vraag.
Vanaf 2007 hebben ook havo-leerlingen 80 slu voor het profielwerkstuk. De opdracht 'biologieuitdeboeken' kan een zinvolle invulling van de uitbreiding van de studielasturen voor het PWS zijn.
Vakoverstijgend gebruik
In de vakken scheikunde, natuurkunde, wiskunde en economie wordt gewerkt volgens de concept-context benadering. De opdracht kan eventueel vakoverstijgend worden ingevuld voor deze vakken. Ook kan bij deze opdracht worden samengewerkt met vakken als aardrijkskunde, beeldende vorming, Nederlands en informatica.
Docenten zouden samen een presentatie kunnen maken om te ervaren wat de context-concept benadering inhoudt. Hun presentatie kan vervolgens in de klas dienen als voorbeeldpresentatie.
